|
|
|
||
|
|
Alan van Galloway
De geschiedenis van de
westelijke eilanden in de vroege 13de eeuw wordt gedomineerd
door het nageslacht van Somerled en het koninkrijk van Man. Toch waren
er ook andere prominente figuren die een invloedrijke rol in de politiek
van de Ierse zee speelden. De
Allan had een moeder van Normandische afkomst en hij was één van de grootste heersers in het koninkrijk van Schotland. Hij was een feodale heerser, zoals de meeste Europese adel rond deze tijd, maar daarnaast had hij ook de cultuur van zijn voorouders behouden en was hij de chieftain van het oude koninkrijk van Galloway. In zijn studie schetst Keith Stringer een beeld van deze persoon, die in twee werelden leefde. Aan de ene kant regeerde hij als Schotse edelman en was hij bekend bij de ridderstand. Aan de andere kant was hij de Keltisch-Noorse krijgsheer die over machtige vloten beschikte en bekend was op de Ierse zee. Al staat hij bij de earls en lords van Schotland bekend omdat hij regelmatig het koninklijke leger leidde tegen opstandelingen, hij had ook een enorm privéleger. Hij kon een beroep doen op het feodale landleger van Galloway en de IJslandse auteur Sturla vermeld zelfs dat hij een vloot had van 150 tot 200 schepen. Dat zou betekenen dat hij een leger had dat ongeveer 2.000 tot 3.000 man sterk was. Met zo'n groot leger achter zich wordt het duidelijk wat Alans ambities waren, het overheersen over zo groot mogelijk deel van de Ierse zee waaronder niet alleen de Hebriden maar ook Ulster, Man en Cumbria. Hij voerde zijn campagnes in een gebied dat buiten de Schotse autoriteit lag, waardoor hij geen risico liep om uit de gratie van de Schotse koning te vallen. Zijn campagne in 1212 om met hulp van koning John van Engeland landerijen te winnen in Ulster bood ook voordelen voor de Schotse kroon. Het gebied diende al lange tijd als rekrutering en trainingskamp voor de MacWilliams en MacHeths, die vijandig waren tegenover het Canmore koningshuis. Het was deze positie waarin hij zowel land in Ulster als Galloway had, waardoor hij nauw betrokken werd in de politiek van de Ierse zee.
Alan van Galloway was een man van twee werelden. Hij kende de Noors-Keltische cultuur, maar wist ook politiek stand te houden in de feodale kastelen van Schotland. Één saga geeft duidelijk aan wat zijn macht was: Hij was de grootste krijger van zijn tijd. Hij had een groot leger en vele schepen, waarmee hij plunderend over de Hebriden trok. De Ierse zee trok ook de aandacht van Alans jongere halfbroer, Thomas. Hij vocht samen met de zoons van Ragnvald tegen de Engelsen in Ierland en plunderde Derry in 1212 en 1214. In 1209 trouwde hij met Isabel van Atholl en werd daardoor earl van Atholl. Desondanks bleef zijn aandacht eerder gericht op de zee dan op de regio van Perthshire. Opmerkelijk genoeg steunde hij in 1205 de Engelse koning John, die hij later samen met de Ruairi en Donald, kleinzoons van Somerled, aan zou vallen. Hij verhuurde zijn oorlogsschepen aan John tijdens Johns poging om Normandië te heroveren van de Fransen. Later vocht hij ook samen met John in Ierland en werd hij beloond met landerijen daar.
Zie ook: Celtic Webmerchant:
|
|
|
![]() |
|||
|
copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden. Sitemap Contact |
|||