|
|
|
||
|
|
Oud-Iers rechtHoewel de Romeinen en Engelsen de Kelten vaak als een groep wetteloze barbaren afschilderden, hadden de Ieren een van de oudste rechtssystemen in Europa. Deze wetten worden de Brehonse wetten genoemd, afgeleid van het Iers-Gaelic woord breitheamh, wat rechter of beslisser betekent. De eigenlijke naam van het Oud-Ierse rechtstelsel is Feineachas, de wetten van de vrijmannen. Naast het strafsysteem werd ook het sociale stelsel door deze wetten geregeld.
Geschiedenis Net als barden en druïden vertrouwden de breithiúna geheel op hun geheugen. Pas in de 3de eeuw n.Chr. liet Ard Rí Cormac MacArt sommige van zijn beslissingen opschrijven in wat nu het boek van Aicill heet. De Brehonse wetten gingen niet verloren door de komst van het christendom, maar werden wel grondig herzien. Rond het jaar 438 werd onder leiding van sint Patrick een commissie opgericht om de Feineachas aan te passen naar christelijke maatstaven. Deze commissie van negen mannen deden er drie jaar over om de gehele collectie Brehonse wetten aan te passen en op te schrijven. Het manuscript waarin deze wetten werden vastgelegd was het Senchus mor of Cain Patrick, maar helaas is het originele manuscript verloren gegaan en zijn er alleen kopieën van bepaalde passages en notities overgelaten. De voorchristelijke wetten zijn waarschijnlijk vanaf het begin van de zevende eeuw opgeschreven en verfijnd, maar veel van dit werk is verloren gegaan of vernietigd door de Engelsen. Na de Engelse invasie namen veel Engelse en Schotse kolonisten het rechtstelsel over en gaven hieraan de voorkeur boven de Engelse wetten.
Dankzij het werk van de 19de eeuwse vertalers O’Curry en O’Donovan zijn er vandaag de dag ongeveer 5.300 pagina’s met wetsteksten van het oud-Ierse juridische stelsel overgeleverd. Er zijn echter nog vele documenten en fragmenten over die nog nooit zijn vertaald.
Het juridische systeem Karakteristiek voor de Feineachas is dat er geen lijf- of doodstraf wordt toegepast. De zwaarste straf was verbanning, maar de meeste geschillen werden opgelost met een boete aan het slachtoffer of zijn of haar familieleden. De hoogte van de boete werd bepaald door de misdaad en de gesteldheid van de dader en van het slachtoffer. Hoe hogergeplaatst de dader of het slachtoffer, hoe strenger de straf. Doordat deze dingen mee werden gewogen in de strafmaat, werd het recht vrijwel nooit in eigen hand genomen. Wanneer er een misdrijf werd gepleegd, werden het slachtoffer en de dader voor de breitheamh gebracht en vertelden ze hun verhalen. Wanneer de beschuldigde schuldig werd bevonden, werd zijn gehele clan verantwoordelijk voor het betalen van de boete gehouden. Als de misdaad tegen een persoon werd gepleegd en de dader stierf, werd de boete kwijtgescholden en stierf het misdrijf met de dader. Wanneer de dader echter schade had berokkend aan bezittingen, bleef de boete staan. Door dit systeem was elk clanlid zich bewust van de noodzaak criminaliteit te bestrijden. De betaling van de boete was een zaak tussen de dader en het slachtoffer of hun families. Er werden echter wel richtlijnen gegeven. Wanneer de boete nog niet betaald was, mocht het slachtoffer zich in bepaalde gevallen aan de drempel van de dader vastbinden en als hij dan van honger stierf, werd de dader moord ten laste gelegd. Het slachtoffer kon dit echter niet toepassen als zowel hij als de dader van adel waren of de boete te laag was. In dat geval kon de schuldenaar ook juwelen aan de schuldeiser geven, maar die werden ingewisseld voor echt geld voor het grote feest in Tara of een andere belangrijke vergadering, omdat het beschamend was om hier zonder juwelen op te verschijnen. Ook gebeurde het dat het slachtoffer simpelweg in hongerstaking ging zonder zich aan de drempel vast te binden. Deze praktijk kwam tot in de jaren ’80 van de vorige eeuw voor, toen gevangen IRA-strijders in hongerstaking gingen. Op moord stond een twee maal zo grote boete als op doodslag. Deze boete, de eric, werd aan de familieleden van de dode betaald in verhouding tot hun aandeel in de erfenis. Wanneer de eric niet betaald werd, kon de familie de dader doden.
Door de Brehonse wetten had de Ierse vrouw meer vrijheid, rechten, bezit en bescherming dan in de rest van Europa. Wanneer iemand aan de haren van een maagd trok, moest hij een eenjarig dier voor elke twintig haren aan haar betalen. Bij het huwelijk behield de vrouw haar bezit en het huwelijk kon worden ontbonden als een van de twee echtelieden onvruchtbaar was of de man homoseksueel was en dan kreeg de vrouw haar bezit terug. Een man had het recht om zijn vrouw te slaan, maar als de klap een teken achterliet, kreeg de vrouw het geld van de bruidschat terug. Een zwangere vrouw mocht eten wat ze wilde, en als haar man haar dat ontzegde, kon hij aangeklaagd worden voor verwaarlozing. Met de intrede van het christendom werden vrouwen benadeeld en konden ze geen getuigen meer zijn, omdat ze oneerlijk zouden zijn. De erfenis werd gelijk opgedeeld onder de zoons, zonder onderscheid tussen wettige en onwettige kinderen. Wanneer een zoon kinderen had en hij voor zijn vader was gestorven, werd het deel van de zoon gelijk verdeeld onder de kleinzoons. Ongehoorzame zoons werden uitgesloten van erfenis en geadopteerde zoons kregen wel een deel, dat kleiner was dan gewone zoons. Normaalgesproken verdeelde de jongste zoon het land in gelijke stukken, waarbij de oudste het eerste mocht kiezen welk deel hij wilde, daarna de op een na oudste en zo verder. Soms was het zo dat de vader al voor zijn dood zijn land verdeelde. Dochters erfden geen land, maar wel persoonlijke eigendommen. Als een man echter alleen maar dochters had, kregen zij een deel van het land. Tenzij een dochter getrouwd was met iemand buiten de tuath, die dus geen eigen land had, ging de rest van het te erven land over naar de naaste familie. Meestal trouwden mensen echter binnen de familie. Wanneer een man zonder nageslacht stierf, werd zijn bezit verdeeld tussen zijn naaste familie, eerst zijn broers, maar als hij geen broers had zijn neven en zo verder. Zie ook:
De Ierse samenleving Celtic Webmerchant:
![]() Galloglass helm € 140,- Galloglass wambuis € 100,- Iona cross € 14,75 |
|
|
![]() |
|||
|
copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden. Sitemap Contact |
|||